maandag 15 oktober 2007

down to earth...

Een kleine week geleden ben ik terug afgedaald tot de 'moderne' wereld, ik verblijf terug in Pokhara, onder de veilige vleugels van mijn lokale gastheer Paul, die ondertussen zelf de bergen is ingetrokken om er zijn medische post in Chitre uit te breiden met een tandartspraktijk. Echt wel geen overbodige luxe, want als je daar hoog in de bergen geveld wordt door tandpijn dan is dit echt wel pech hebben, want een tandarts is er in de verste verten niet te bespeuren. De enige opties waren dan ofwel de pijn te verduren ofwel af te dalen tot Pokhara om er een afspraak te maken met de tandarts. Maar heel binnenkort komt er daar dus verandering in, dankzij dit nieuwe project van Himalayan Projects. Hier dan ook een totaal vrijblijvende, maar warme oproep, om deze kleine vzw met haar vele kleinschalige maar heel doeltreffende projecten te steunen, voor een maandelijkse bijdrage van slechts 10 euro kan je hier al heel wat verwezenlijken, voor meer info zie http://www.himalayanprojects.org/supports.htm

Ik was van plan om deze blog al vroeger te updaten, maar bij gebrek aan een telefoonlijn (vooral dan de telefoonkabel, die 's nachts op een mysterieuze wijze verdween), had ik geen toegang meer tot het internet. De telefoonmaatschappij vindt dit een spijtige zaak, maar laat het aan de klant zelf over om nieuwe kabel te kopen (en dan waarschijnlijk van diegene die het voordien gestolen hebben) en de lijn te herstellen. Dus met enige vertraging dan toch mijn verslagje van mijn verblijf in Chitre.


De klim naar boven was zwaar, vooral dan door het vele water, de eerste dag van het zweet (klimmen in temperaturen rond de 30 graden is geen evidentie) en de tweede dag van de gietende regen (de paden veranderden in een sneltempo in snelstromende rivieren). Ook mijn porter had het zwaar, want naast de portabel computer van Paul en de vele boeken had ik ook nog wat proviand bij voor de lodge van Paul's familie in Chitre, dus mijn rugzak woog toch zeker 30 kilo. En Bim, mijn porter, was ook niet meer van de jongste, bovendien was deze tocht zijn eerste van het seizoen dus zijn oude knoken waren nog niet helemaal opgewarmd.
Wij die dachtten van deze trek in 2 dagen te kunnen klaren, maar de avond van de 2de dag zijn we toch, wegens de invallende duisternis, in Ghorepani moeten blijven slapen, dit op slechts een uurtje downhill van Chitre. En weten dat de lokale mensen deze tocht in 1 dag doen!! Ongelooflijk!!


En dan was het zover, mijn entree in Chitre, het dorpje dat mijn 'thuis' zou worden voor een maand. Op de eerste dag was er al een village meeting gepland met het ganse dorp (nee, niet ter ere van mijn persoon, maar een lokale NGO kwam er een project voorstellen voor de bouw van een of andere brug en inspraak van de dorpsbewoners was gewenst). Voor mij dus een ideale gelegenheid om de dorpsbewoners te leren kennen en voor de dorpsbewoners om vertrouwd te worden met mijn gezicht. De meeting startte om 14pm (Nepali time, maw rond 15u begon de NGO maar haar betoog) en nadien stonden er ook nog een aantal interne dorpszaken op de agenda. Het was uiteindelijk donker vooraleer alles afgerond was, maar de meesten waren toen al vertrokken (incluis mijzelf).

Tijdens mijn onderzoek wou ik dus vooral nagaan wat de impact was van het 10-jaar durend conflict tussen de Maoisten en de Nepalese regering op de rurale bevolking in Chitre en de omliggende dorpen. Het onderzoek was niet altijd even gemakkelijk, enerzijds door het taalprobleem en anderzijds was het ook voor heel veel mensen niet altijd evident om vrijuit te spreken over hun ervaringen met de Maoisten en het Nepalese leger. Er bestaat immers nog altijd grote angst dat de vrede maar tijdelijk is en dat het geweld vroeg of laat weer in alle hevigheid zal oplaaien.

Gelukkig kon ik in Chitre rekenen op de hulp van Ganga, de verpleegster van de Medical Post opgericht door Himalayan Projects. Zij wijdde mij in in het dorpsleven in Chitre, introduceerde mij bij de plaatselijke families en zorgde tevens voor de nodige vertalingen bij de vele interviews. Het feit dat zij de verpleegster van het dorp was, verlaagde in zekere zin de drempel bij mijn vele huisbezoeken. Ganga boezemt vertrouwen in bij de dorpsbewoners en dit hielp zeker om de eerste gene (van beide kanten) te overwinnen. Maar het feit dat Ganga de dorpsbewoners zo goed kende, had soms ook wat negatieve kantjes, zo gaf ze soms zelf het antwoord op mijn vragen. Ook de vertalingen verliepen in het begin niet altijd even vlot, soms werd een antwoord van 5 minuten simpelweg vertaald in 1 zin (volgens Ganga de Nepali manier van vertellen, een heel verhaal om dan uiteindelijk tot de kwestie te komen). Maar geleidelijkaan geraakten Ganga en ikzelf meer en meer op elkaar ingespeeld en voelde zij mijn vragen beter aan.

Ik ging soms ook mee met Ganga naar de omliggende dorpen, waar zij een mobiele medische post uitbaat, om de situatie daar te onderzoeken. En hier stootte ik wel op een aantal onthutsende tegenstellingen, zoals bijvoorbeeld het feit dat de Maoisten bij het binnenvallen van de huizen van de dorpsbewoners om eten en lodging te eisen voor soms wel 20 mensen, dit in Chitre meestal op een heel vriendelijk manier gebeurde, terwijl dit in Ghoramdi (op ongeveer 5uur wandelen van Chitre) in 90% van de gevallen op een heel onvriendelijke wijze gebeurde. Dit intrigeerde mij en na wat nader onderzoek kwam ik o.a. te weten dat Chitre reeds communistisch gezind was voor de oorlog (de communistische partij UML haalde er bij de laatste verkiezingen de meeste stemmen). Ook het feit dat Chitre een kleine gemeenschap vormt (en dus minder belangrijk is voor leger en overheid, waardoor minder patrouilles en represailles van de gevreesde overheidssoldaten) zorgde ervoor dat dit dorp als overlevingsstrategie koos om een positieve houding aan te nemen tegenover de Maoisten (die voor hen meer levensbedreigend waren dan het overheidsleger). De Maoisten, die meestal in de jungle in moeilijke omstandigheden dienden te overleven, kwamen dan ook graag naar Chitre, want voor hen was dit een welgekomen verademing temidden alle vijandigheden.

Aangezien de meeste mensen tijdens de dag op het veld werkten, moesten de interviews ofwel 's morgens vroeg gebeuren, voor de eerste dal bhaat om 9am, ofwel in de vooravond, voor de 2de dal bhaat om 7pm. Dus vroeg opstaan was de boodschap, maar aangezien ik ook vroeg ging slapen, was dit meestal geen probleem. Chitre telt 45 huizen en ik heb ongeveer de helft van alle huizen bezocht. Een hele karwei want elk interview duurde toch minstens anderhalf uur. Daarnaast heb ik ook een groot aantal mensen gesproken in de omliggende dorpen en heb ik een focusgroep discussie georganiseerd met een aantal inwoners van Sikha (op 1 uur wandelen van Chitre). In de district hoofdplaats tenslotte heb ik een aantal government officials kunnen spreken en kreeg ik uiteindelijk ook de Maoisten te spreken.

Er is nog zoveel te vertellen, maar ik zal het hierbij laten...
Dit onderzoek was opnieuw een enorm boeiende en unieke ervaring in mijn leven en ik ben heel dankbaar dat ik dit heb kunnen doen. Het was niet altijd even gemakkelijk, heb me soms alleen gevoeld, kon mij soms ook moeilijk neerleggen bij de apathie van sommige dorpsbewoners ten opzichte van hun uitzichtloze situatie, vond het ook enorm moeilijk om afstand te doen van mijn 'westerse' manier van denken waardoor er een soort onzichtbare kloof ontstond tussen mijzelf en mijn onderzoeksgroep. Ik besef dat een maand tekort is om al deze moeilijkheden te overbruggen, maar ik heb mijn best gedaan en voel dat ik bijgeleerd heb. Ik hoop alvast dat sommige dorpsbewoners zich door mijn soms wel kritische vraagstelling minder passief gaan opstellen ten opzichte van wat er zich rondom hen gebeurd.

Nu, vooraleer ik aan mijn volgende opdracht begin, met name het verwerken van alle gegevens, neem ik eerst nog wat 'welverdiende' vakantie. Binnen enkele dagen vertrek ik op een korte trekking naar Jomson en Muktinath en dan wordt het stilaan tijd om richting Kathmandu terug te keren en het vliegtuig te nemen richting Brussel.

Zoals 8 jaar geleden, toen ik voor de eerste keer in Nepal was, zal ik opnieuw met pijn in het hart dit mooie fascinerende maar toch zo complexe land verlaten, maar wetende dat ik ooit weer terugkom...

tot binnenkort
Ann

ps. sorry, geen foto's deze keer, want via een telefoonverbinding duurt het uren om alles up te loaden, maar uitstel is geen afstel, foto's post ik als ik terug in KTM of thuis ben
Ook de verwerking van mijn data en het uiteindelijk resultaat van mijn onderzoek zullen jullie op deze blog kunnen lezen

woensdag 5 september 2007

Chitre here I come...

Eindelijk, morgen vertrek ik naar de bergen, naar 'mijn' dorp Chitre, weliswaar met een beetje vertraging, maar we zijn dan ook in Nepal en hier heerst er 'Nepali time'.

Eerst en vooral het spijt mij dat jullie zolang op wat nieuws van mij hebben moeten wachten. Ook na vandaag zullen jullie het een maand zonder mij moeten stellen, want vanaf morgen zal ik dus aangewezen zijn op mijzelf en de dorpelingen. Ik kijk er enerzijds enorm naar uit, maar anderzijds boezemt het mij ook een beetje schrik in, gezonde angst wel te verstaan. Hoe zal ik het er vanaf brengen, zal ik in staat zijn om het nodige vertrouwen op te bouwen met de dorpelingen, zullen ze bereid zijn hun levensverhaal te delen met mij...

Nu hoe is het mij ondertussen vergaan...
Na een maand in Kathmandu, was ik blij om uit de grootstad te kunnen vertrekken. Ik verblijf momenteel in Pokhara. Pokhara is de 2de grootste stad van Nepal op ongeveer 5 uur rijden van KTM, als er geen banda's zijn of geen accidenten gebeurd zijn of geen landslide de weg verspert. Pokhara is bekend voor zijn prachtige 'lake' en fantastische vergezichten op de Annapurna bergketen (heb ik wel nog niet veel van gezien, want tijdens de monsoon verdwijnen de bergen achter de wolken) . Ik logeer hier bij Paul, oprichter van de NGO Himalayan Projects, die mij heel wat nuttige tips kan geven ivm mijn onderzoek. Paul komt al 15 jaar naar Nepal en hij weet dan ook als geen ander hoe je in Nepal gemakkelijk dingen kan gedaan krijgen. Niet altijd evident met al de bureaucratie en vele gewoontes. Vorige week een mooi staaltje hiervan meegemaakt. Ik had om 8u30 afgsproken met de verantwoordelijke van Insec (human rights organization) hier in Pokhara. Als een echte Vlaming kom ik goed op tijd (lees 5 minuten te vroeg) en ik werd vriendelijk verzocht wat te wachten in een apart kantoortje. Na 3 uur kreeg ik eindelijk die vent te spreken, nadat ik al 2 keer gevraagd had waarom het zo lang duurde. Vervelend was wel dat hij me niet in de ogen keek toen ik hem interviewde, dit gaf me een heel ongemakkelijk gevoel. Toen heeft hij voor mij wel nog een afspraak geregeld met UNMIN (United Nations mission hier in Nepal), maar die mannen hadden niet veel tijd. Daarna zou hij ook nog iets regelen met de LDO (Local Development Officer) en de DO (District Officer) hier in Pokhara, maar na weer 3 uur te wachten, kreeg ik deze keer te horen dat de DO en LDO mij enkel wilden spreken als ik een officieel papier van de overheid had met toestemming om onderzoek te voeren. Dus stond ik weer even ver, want vooraleer ik dergelijke toestemming in handen zou krijgen, was ik allang weer terug in Belgie.

Gelukkig heb ik wel een aantal andere interessante mensen kunnen spreken. In Beni, de districthoofdplaats van Myagdi (waar 'mijn' dopje deel van uitmaakt) kreeg ik wel de district officer te zien zonder een papieren toestemming van KTM. Ik heb er ook met de Local Development officer kunnen spreken en zelfs de district police officer heeft mij te woord gestaan. Tijdens het conflict is het politiekantoor in Beni zwaar aangevallen geworden door de Maoisten, balans: meer dan 100 doden (zowel aan de kant van de politie als aan de kant van de rebellen). Heel open wordt er toch niet over het conflict gesproken, vooral de overheidsambtenaren zijn heel diplomatisch en zorgen ervoor dat er niets negatiefs over de Maoisten gezegd wordt (want spionnen zitten overal). In Beni kon ik er ook spreken met een journalist voor de Kantipur journal, hij was wel meer open, jammer dat zijn engels niet zo goed was, en mijn nepalees is ook nog niet goed genoeg om diepgaande gesprekken te voeren.

Vandaag nog rap wat laatste inkopen gedaan, onder andere wat energievoedsel om mij op de berg te krijgen want na een hele tijd op inactief zal ik wel afzien vrees ik. Straks nog wat verder inpakken, ook de laptop gaat mee naar boven zodat ik ter plaatse al wat gegevens kan verwerken. Ook wat literatuur om de lange avonden in het dorp toch wat productief door te brengen, want op cafe gaan zal er niet inzitten in Chitre.

tot volgende maand met hopelijk opnieuw heel wat interessante verhalen
Ann

donderdag 30 augustus 2007

batti gayo ra aayo...

of het licht komt en gaat...
het is nu donderdagavond en in heel Thamel is er geen electriciteit. Om 18u stipt verdwijnt het licht en om 20u stipt komt het opnieuw tevoorschijn. Energiebesparing noemen ze dit hier. Waar we in Belgie voorlichting krijgen hoe we best energie besparen, wordt in Nepal gewoon de electriciteit afgesloten. In Thamel is dit op woensdag en donderdagavond, in andere buurten op andere dagen. Geruchten doen de ronde dat Nepalese (hydro)electriciteit verkocht wordt aan India (aan goedkope tarieven) en Nepal dan opnieuw diezelfde electriciteit aankoopt van India aan duurdere prijzen. Dit zou heel wat commissiegelden opbrengen voor de bazen van de energiemaatschappijen, maar dit betekent wel dat er voor heel KTM te weinig electriciteit voorhanden is, en vandaar de gedwongen powercuts.
Momenteel is er in Nepal ook een tekort aan benzine, door de vele banda's in de Terai geraakt de benzine (die ingevoerd wordt uit India) niet tot in KTM en vele brommers staan dan ook droog langs de kant van de weg...

faces of Nepal











































de heilige koe...

Gisteren was het feestdag in Nepal ter ere van het Gai Jatra Hindu festival. Ik heb er dan ook maar van geprofiteerd om een dagje vrij te nemen en mee te vieren met de duizenden Nepalezen die samengekomen waren in Durban square om hun familieleden te herdenken die het afgelopen jaar gestorven waren (zeg maar een soort allerheiligen en allerzielen van bij ons, maar dan met veel meer kleur en muziek).

De traditie wil dat elke familie, die het afgelopen jaar iemand heeft verloren, meeloopt in de processie hierbij begeleidt door een koe of door een kleine jongen/meisje verkleedt als koe. Voor de Hindus is de koe een heilig beest die de dode begeleidt in zijn tocht naar de hemel. De traditie vindt zijn oorsprong in de Malla periode (van de 12de tot de 18de eeuw) toen 1 van de Malla koningen zijn onderdanen verplichtte om binnen het jaar na het afsterven van een naaste een Gai Jatra te organiseren en dit om zijn door verdriet overmande vrouw te troosten na de dood van hun zoon. En zo geschiedde zijn wil en wordt er eeuwen later nog elk jaar een processie gehouden ter nagedachtenis van de doden... Hieronder enkele sfeerbeelden.



donderdag 23 augustus 2007

ook dit is de realiteit...

snuivende straatkinderen, het doet je toch wat als je dit ziet...
overal lopen ze rond in KTM, ze snuiven in het open en bloot, en niemand die zich hieraan lijkt te storen...
Op de foto's zie je hoe ze hun plastiek zakken vullen met lijm en dan gaat de zak rond...













stortvloed

deze morgen ben ik wakker geworden door het lawaai van de regen, het water viel met bakken uit de lucht en zie hieronder het resultaat...

Gelukkig is elke situatie, hoe slecht ook, altijd wel goed voor iemand, en deze keer waren het vooral de riksha drivers die in hun handen konden wrijven. Vanmorgen moesten ze niet smeken om klanten, want iedereen wou wel met droge voeten op plaats van bestemming geraken.

Toch maar goed dat dit niet vorige week gebeurd was, toen al dat rottend afval langs de kant van de weg lag...

Nu is het ondertussen middag en het water is net zo snel verdwenen als het gekomen is. It is again business as usual in KTM.






zelfs mijn favouriete chiyaa shop stond onder water...

woensdag 22 augustus 2007

Autovrije dag...

Gisteren mijn tweede banda meegemaakt. Deze keer was de volledige stad onder de ban van de banda, geen enkele winkel was open (op hier en daar een kleine uitzondering na), geen auto's, bussen, vrachtwagens, etc. kortom geen getoeter en zwarte uitlaatgassen overal. Dit was dan misschien ook het enige positieve aan deze banda, de stad krijgt 1 dag de tijd om te recupereren van de vervuiling. Het deed me een beetje denken aan de autovrije zondagen van bij ons, gewoon vrij op straat rondlopen zonder het gevaar omver gereden te worden...

De banda van gisteren werd uitgeroepen door etnische groeperingen die aan de Maoisten gelinked zijn. Zij komen op voor meer rechten voor de Daliths (untouchables) en de Tamang gemeenschap (een andere achtergestelde etnische groep), meer bepaald eisen ze een proportionele representatie van hun gemeenschappen in de komende grondwettelijke verkiezingen. Toch wel een belevenis zo'n banda, het hele economische leven van een grootstad valt volledig stil, je kan je wel inbeelden wat een verlies aan potentiele inkomsten dit met zich meebrengt, maar blijkbaar staat niemand hier echt bij stil en is dit enkel een bedenking van een economische geest zoals mijzelf...





















Gisteren was ik van plan om nogmaals een poging te doen om wat opzoekingswerk te gaan verrichten in de centrale bib van de TU universiteit (Tribhuvan university, genaamd naar de eerste koning na de Rana periode), maar de banda heeft ook alle academische instellingen stilgelegd. Mijn eerste poging aan deze bib, begin deze week, was namelijk niet zo'n groot succes geweest. Ik werd er wel vriendelijk onthaald door het hoofd van de bib, wiens naam ik doorgekregen had van 1 van mijn contactpersonen, en hij wees mij prompt een bibliotheekassistente toe die mij wegwijs zou maken in het labyrinth van de bib. Alle boeken aangekocht of verkregen voor 1996 moeten manueel opgezocht worden via ellenlange ouderwetse fichebakken, wel alfabetisch geordend! Alle werken na 1996 zijn gedigitaliseerd, enkel 1 probleempje hier, er zijn maar 3 computers beschikbaar voor de hele bib wat impliceert dat je geduldig je beurt moet afwachten. Eenmaal je dan een computer bemachtigd hebt, dan voel je al die wachtende en ongeduldige ogen op je gericht welke een onzichtbare druk creeren om toch maar niet te lang bezig te zijn.

Soit, maar zover was ik nog niet... ik moest mij eerst registreren. Wat een lijdensweg, het heeft me 3 uur gekost om de volledige procedure te doorlopen. Aangezien ik geen student ben van de TU universiteit, moest er een andere procedure gehanteerd worden: ik mocht prive-lid worden, een kleine kanttekening, dit zou mij wel 1000 roepies kosten + 100 roepies per maand. Die 1000 roepies (ongeveer 10 euro) was enkel maar een waarborg die ik zou terugkrijgen als ik mijn lidmaatschap annuleerde en ik geen boeken zou beschadigd hebben. Is wel een beetje ironisch wetende dat ik in die bib wel meer dan 50 emmers heb zien staan, nodig om het water op te vangen afkomstig van het lekkende plafond. Dit zou zogezegd de boeken niet beschadigen??? In Nepalese termen is 1000 roepies wel veel, wetende dat ik slaap voor 250 roepies per nacht, je een volledige maaltijd kan verkrijgen voor 100 roepies, een liter water 10 roepies kost, etc. Na een tijdje begin je echt wel in lokale munteenheid te denken en waardeer je ook alles in die context. Natuurlijk als je dit omrekent naar euro is dit allemaal maar peanuts.

Voor die simpele registratie had ik dus niet alleen 1100 roepies nodig, maar ook een copie van mijn paspoort en een pasfoto, dit had ik niet zomaar bij de hand en ik werd op pad gestuurd om een copytheek te vinden. Gelukkig was dit niet zo moeilijk, in de bib zelf is er een copytheek die gerund wordt door prive mensen. Maar dan was mijn pasfoto te groot en moest ik terug om die te laten verkleinen en toen ik dacht alles op de juiste maat te hebben, had ik plotseling 2 pasfoto's nodig. Mijne copyman, die ondertussen heel vriendelijk geworden was, had wel leute toen hij mij opnieuw zag afkomen. En toen, eenmaal ik alle documenten in handen had, was het lunchpauze... Aangezien ik toen ook honger begon te krijgen, dacht ik maar van hetzelfde te doen, maar op de hele campus was er geen enkele cantiene te vinden. Die was een tijdje geleden gesloten omdat er teveel niet-studenten kwamen eten, dus het alternatief was gewoon de hele boel op te doeken! Ik moest mij dan maar tevreden stellen met chiyaa en een stuk droog brood.

En dan was het eindelijk zo ver, ik kreeg mijn officiele bib kaart overhandigd en kon ik aan de slag, 't is te zeggen, kon ik wachten op een computer die zou vrijkomen... en toen werd het 17u en sloot de bib... Mijn dagje bib was dus niet zo productief, ik probeer vandaag opnieuw met nieuwe moed en energie.
















Gisteren heb ik dan, in plaats van naar de universiteit te gaan, een afspraak gemaakt met de NGO Rural Reconstruction Nepal. Ik werd er vriendelijk onthaald, maar had al snel door dat ze mij niet echt veel verder zouden kunnen helpen. Met een grote jeep voor de deur en heel wat elektronisch materieel in de burelen, vermoedde ik dat ze heel veel buitenlandse fondsen krijgen... Je ziet dit regelmatig in KTM, grote jeeps met airconditioning die door de stad racen met grote antennes en chique mensen erin, is soms wel heel confronterend met de grote armoede die je overal om je heen ziet...

vrijdag 17 augustus 2007

overleven op het dak van de wereld...

zoals jullie al konden lezen in mijn voorstelling over Nepal, bengelt dit land helemaal onderaan de HDI lijst (de Human Development Index is een internationale standaard waarin indicatoren over gezondheid, opleiding en economische welvaart worden verwerkt teneinde een beeld te kunnen vormen van de algemene menselijke ontwikkeling van een bepaald land) en dienen de mensen te overleven met een gemiddeld jaarinkomen van ongeveer 250USD. Ongeveer de helft van de bevolking leeft onder de armoedegrens van 1USD/dag. Het leven van vele Nepali is dan ook elke dag een strijd om genoeg geld te verdienen teneinde hun families te kunnen voeden. De beelden hieronder spreken voor zichzelf...

mijn eerste banda...

Banda (letterlijk vertaling 'gesloten/toe') is een oproep tot het stopzetten van alle handel en verkeer gedurende een bepaalde periode met de dreiging van repercussies voor diegene die zich er niet aan houden. Een Banda wordt meestal uitgeroepen door de Maoisten, maar meer en meer maken ook andere etnische, sociale achtergestelde, politieke, etc. groeperingen handig gebruik van de Banda om hun grieven kenbaar te maken en kracht bij te zetten bij de centrale regering in KTM.

Zo zijn er de laatste weken heel wat schermutselingen tussen de Maoist gelinkte studentengroepering (YCL=Youth Comunist League) en de studenten die zich identificeren met de National Congress partij. Door 1 van die banda's heb ik mijn afspraak met INSEC (een human rights organisatie) moeten uitstellen, want volgens INSEC was er een gevaar dat ik niet tot bij hen zou geraken en ze wilden ook mijn veiligheid niet in het gedrang brengen.

Vorige week was er ook een staking van de huisvuilophalers in KTM, je kan je al voorstellen wat voor aangename tafelerelen en geuren dit met zich meebracht, samen met de al even fris ruikende uitlaatgassen van al het aanwezige rollend en gemotoriseerd materieel. Het huisvuil is meer dan een week blijven liggen en gisteren zijn ze in Thamel (hub voor toeristen) toch begonnen met het rottende afval weg te halen. Als toerist heb je hier in Nepal altijd een beetje voorrang op de gewone Nepali in de straat en dit bezorgt mij soms wel een heel ongemakkelijk gevoel...



maandag 13 augustus 2007

Het leven zoals het is... op het platteland

Wat een hemel en aarde verschil tussen het drukke, broeierige en chaotische Kathmandu (KTM) en het rustige met prachtige groene rijstvelden overgoten platteland.

Als voorbereidig op mijn onderdompeling in het dorpsleven in de heuvels van West-Nepal heb ik vorige week al kort kunnen proeven van het leven zoals het is op het Nepalese platteland. Raj, mijn leraar Nepalees in Gent, had mij kilo’s Belgische chocolade meegegeven om te overhandigen aan zijn familie. Vorige week kreeg ik dan telefoon van Narayan, de broer van Raj, met de boodschap dat hij mij zou komen oppikken om samen naar Bistachhap (http://www.bistachhap.tk/) te gaan, het dorpje waar Raj en Nara opgegroeid zijn, op ongeveer 20 km van KTM. Alhoewel 20 km niet ver lijken, is het hier wel alsof je naar de andere kant van de wereld reist. Gelukkig maar dat Nara mee was om mij te begeleiden, want anders weet ik niet of ik ooit in het juiste dorp zou terechtgekomen zijn. De continue stroom van bussen, taxi’s, ricksha’s, minivans, etc. lijken allemaal wel een bestemming te hebben, maar die is mij om één of andere reden nog altijd niet helemaal duidelijk…



Je ziet het landschap met de kilometer veranderen, van bebouwing op elke cm² met schreeuwende uithangborden en mensen die als mieren manoeuvreren tussen het drukke verkeer naar glooiende landschappen met kinderen in uniform op weg naar school, moeders op stap met hun baby en mannen aan het roddelen in het plaatselijk chiyaa (thee)huis. Wat een verademing (zowel letterlijk als figuurlijk) om in Bistachhap te zijn: gezonde lucht, overal groen, geen trouts die je een trekking, tigerbalsam of hotel willen aansmeren en mensen die geen dollarteken zien als ze naar je kijken.















Aangezien vele mensen in het dorp, inclusief de mamma en ‘big’ mamma van de broers geen woord Engels spreken, was mijn verblijf daar dan ook onmiddellijk een eerste grote test voor wat wat betreft mijn kennis van de Nepalese taal. Ik mag dan ook met enige trots zeggen dat al mijn studie in juli toch al wat vruchten heeft afgeworpen. Ik ben al in staat om ‘kleine’ conversaties te voeren en heel af en toe kan ik de mensen ook begrijpen. Dit begrijpen blijft echter wel een hekel punt, de Nepalezen spreken zo ongelooflijk snel dat de hele conversatie voor mij meestal gewoon herleid wordt in één lange vreemde klank, waarin ik moeilijk woorden kan onderscheiden. Mijn standaard antwoord is dan meestal ook 'bistaarai bistaarai bholnus' (kan je aub wat trager spreken) of ' pheri bhannus' (kan je aub nog eens herhalen). Maar de mensen hier zijn heel geduldig en ze apprecieren (sorry een umlaut vind ik niet op dit toetsenbord) het dan ook enorm dat je de moeite doet om hun taal te spreken. Ik moet zeggen dat iedereen echt onder de indruk is van mijn taalkennis, en dit vooral als ze horen dat ik nog maar 18u les genomen heb (Raj ji je wordt hier de hemel ingeprezen, vooral je muri muri danjabaad brengt heel wat los bij de mensen). Ik heb wel al vele uren zelfstudie gedaan en sinds gisteren ben ik ook opnieuw begonnen met taallessen. Deze keer heb ik beslist om heel praktische en op conversatie gerichte lessen te nemen en dit in voorbereiding op mijn onderzoek in Chitre. Via Nara ben ik in contact gekomen met Safala, zij is net terug van een master in de VS en heeft zelf ook al wat veldonderzoek gedaan. Onlangs heeft ze zelfs nog getolked voor DANIDA (de Deense ontwikkelingsorganisatie). Gisteren heb ik geleerd hoe ik mij moet voorstellen aan de dorpelingen en hoe ik best een conversatie op gang breng (is wat anders dan in de stad). Allemaal heel nuttige tips. Morgen neemt Safala mij mee naar haar moeder, die geen woord Engels spreekt, en dan moet ik alles wat ik gisteren geleerd heb uitproberen op haar moeder. In toekomstige lessen gaan we ook een rollenspel spelen waarbij Safala de ondervraagde dorpeling zal zijn en ik, ja ik gewoon mezelf als onderzoeker...

Maar ik ben wat aan het afwijken...

Ik ben bij de familie van Raj met open armen ontvangen, en vooral de kinderen van de buren zagen mij wat graag komen met al die chocolade!! De foto's hieronder spreken alvast voor zichzelf...

mamma en big mamma van Raj en Nara






















buurvrouw met kleinkinderen




















huis van Raj, waarbij de deuropeningen niet gemaakt zijn voor grote mensen uit het westen. Ik heb dan ook ontelbare keren mij hoofd gestoten bij het binnen en buiten gaan, vooral als het buiten al wat donker werd. Ja, het toepasselijk spreekwoord over die ezel gaat dus niet op voor mij...



uitzicht vanuit mijn kamer, waarbij ik de tweede nacht onverwacht bezoek kreeg van een muis. Plotseling midden in de nacht voelde ik iets op mijn benen vallen en toen ik het licht aanstak, zag ik nog net een muis wegvluchten (Nathalie, echt iets voor jou!!!). Blijkbaar vond ze mijn gezelschap wel leuk en is ze 3 keer langsgekomen, het genoegen was zeker niet wederzijds!!!




















plaatselijke schooltje, waarbij er ongeveer 30 kinderen leskrijgen in een lokaaltje niet groter dan een gemiddelde slaapkamer. De kinderen op de eerste rij zitten dan ook letterlijk met hun neus op het bord. En 's morgens en 's avonds krijgen de kinderen op commando gymnastiek .































In het dorp was er ook een weeshuis. Ik was echt onder de indruk van hoe dit weeshuis gerund wordt, ongelooflijk professioneel met heel veel oog voor de noden van het kind. Er wonen ongeveer 30 kinderen (waarbij ook een aantal mindervalide kinderen), ze gaan allemaal naar een prive school en krijgen ook elke dag een tutor op bezoek die hen helpt met hun huiswerk. Ik stond ook versteld van de kennis van het Engels van deze kinderen, ze spraken allemaal vloeiend Engels, zelfs de mindervalide kinderen.





















rijstveld van Raj en Nara, die ze momenteel in bruikleen geven aan een buur die in ruil de helft van de productie van rijst afstaat aan de familie van Raj






Kopila, nichtje van Raj, die inwoont bij de 2 mamma's en die al na 5 minuten mijn vriendinnetje werd, en voor haar goede schoolresultaten van Raj een fiets cadeau heeft gekregen